Preventief werken aan mentaal welzijn in de school: het Amsterdams Lyceum

“We helpen veel leerlingen individueel… terwijl er best een aantal situaties preventief kan worden aangepakt binnen het onderwijs.”

In Amsterdam werkt het Amsterdams Lyceum samen met Psychologie in het Onderwijs aan een grote ambitie: meer preventie op het gebied van mentaal welzijn in de school. Met steun van het Samenwerkingsverband Amsterdam startte een projectgroep van mentoren, orthopedagogen en afdelingsleiders met het verwezenlijken van dit doel. Wat begon als een herkenbare uitdaging, resulteerde in een volledige leerlijn voor het mentoraat van klas 1 t/m 6.

De uitdaging: “Dit is belangrijk, maar van wie is het eigenlijk?”

We belden met Flora Almekinders, orthopedagoog van de school en één van de kartrekkers van het project. We hadden het over de veelvoorkomende spanning op scholen: de ondersteuning liep goed, er waren korte lijntjes met docenten, maar een structurele plek voor welzijn in het mentoraat ontbrak nog. Zij herkende dit en vertelde: “De meeste docenten vinden het wel echt belangrijk, maar vragen zich ook af: ‘is dit wel van mij?”. Niemand voelde zich echt eigenaar van preventie. Daardoor gebeurt er te weinig, terwijl de urgentie wel voelbaar is.” De samenwerking met Psychologie in het Onderwijs bracht hier verandering in. Er ontstond iets wat daarvoor nog niet vanzelf gebeurde: gezamenlijke verantwoordelijkheid. En nog belangrijker: momentum.

Hoe het begon: één simpele vraag

Tijdens de kick-off begon de projectgroep met het onderzoeken van één simpele vraag: ‘’Wat verstaan we als school eigenlijk onder welzijn?’’ Volgens Flora was hier verrassend snel consensus over: “We wilden mentale vaardigheden versterken, binnen de context van school. Het moest behapbaar zijn voor mentoren, geen therapie, geen diepe persoonlijke casuïstiek in de klas, maar wel het onderwerp normaliseren en het gesprek erover op een luchtige manier gang krijgen. Om zowel te kunnen werken aan de vaardigheden als beter te signaleren wanneer er meer nodig is.”

Van idee naar praktijk

Vanuit dit vertrekpunt inventariseerde de groep waar docenten in de praktijk tegenaan liepen, wat past binnen de context van de school en de expertise van docenten, en wat in de ogen van het ondersteuningsteam preventiever kon.

Een opvallend succes

De projectgroep pitchte de ideeën tijdens alle mentoroverleggen, en de mentoren waren meteen enthousiast. “Ze vroegen zich niet af óf we het moesten doen, maar hoe”, vertelde Flora ons. Volgens Flora was dit een belangrijk moment: “Iedereen stond erachter. De enige vragen gingen over het hoe: wat hebben we nodig? Hoeveel tijd kost het? Hoe ondersteunen we leerlingen zonder dat het therapie wordt?”. Die vragen vormden precies de input voor de volgende fase.

De volgende fase

In de volgende fase ontwikkelden twee leden van de werkgroep materialen met input van:

  • Materiaal dat al aanwezig was op het Amsterdams Lyceum
  • Trainingen die al gegeven werden op het Amsterdams Lyceum
  • Inspiratie en materiaal van Psychologie in het Onderwijs

Hierdoor ontstond een onderbouwde aanpak die praktisch, herkenbaar en direct toepasbaar was voor mentoren. 

Het resultaat: een doorlopende leerlijn welzijn

Deze samenwerking resulteerde in een volledige leerlijn voor het mentoraat van klas 1 t/m 6, gericht op motivatie, stress en omgaan met tegenslagen. De leerlijn werd officieel gelanceerd tijdens een conferentiedag. Deze startte met een lezing van Dominique Warmerdam, oprichter van Psychologie in het Onderwijs en ook begeleider van de werkgroep, waarin de kaders van het bespreken van welzijn in de klas werden besproken. Vervolgens gingen docenten in groepen uiteen om het materiaal te bekijken en van feedback te voorzien. 

Welzijn: geen extra taak, maar als onderdeel van goed onderwijs

Met deze leerlijn zet het Amsterdams Lyceum een stevige stap richting duurzaam welzijn in de school, niet als extra taak, maar als onderdeel van goed onderwijs. Flora kijkt met trots terug op wat er al staat, maar vooral met vertrouwen naar wat er nog komt. “Ik ben trots op de stappen van het Amsterdams Lyceum, we hebben dit echt samen gedaan”.

Succesfactoren: mentoren meekrijgen

Waarom het lukte om de mentoren zo goed mee te krijgen? Flora noemt drie factoren:

  1. Vanaf het begin samenwerken: “Ondersteuning en onderwijs werken bij ons al sterk samen. Dat helpt enorm.”
  2.  Werk uit handen nemen: “Kant-en-klare materialen geeft lucht aan mentoren. Terwijl er ook ruimte was voor hun eigen expertise en feedback.”
  3. Een collectief startmoment: “Door het op de conferentiedag te doen, met steun van de schoolleiding, voelde het als een gezamenlijke stap: dit vinden we belangrijk.”

Aandachtspunten

Net als bij alle verandertrajecten zijn er ook aandachtspunten:

  1. Het moet daadwerkelijk gebeuren: Niet alleen op papier, maar ook in de praktijk, in de klas.
  2. Mentoren hebben ondersteuning nodig: denk hierbij aan scholing, ruimte voor vragen of hulp als iets lastig is.
  3. Het vraagt om structurele borging: “Uiteindelijk moet schoolleiding dit blijven dragen en monitoren. Anders zakt het weg.”

De belangrijkste les: gewoon beginnen

Als Flora één advies mag geven, is het dit: “Het voelt alsof je een enorme berg moet verzetten. Dat vond ik zelf ook. Maar als je gewoon begint, en het stap voor stap doet, ontstaat het vanzelf. Geef mentoren de ruimte om te leren. Het hoeft niet allemaal in één jaar perfect.” De belangrijkste les voor andere scholen: “begin”. Daarnaast raadt ze het aan om actief bondgenoten te zoeken: “Er zijn altijd meer mensen die dit belangrijk vinden dan je denkt. Samen kun je echt iets in beweging zetten.”